Facebook logo

                           GEA KRING TWENTE

algemeen micromounts mineralogie petrografie fossielen

 



Start
excursies
verhalen
pas gevonden
GEA dag
programma
links
fotograferen
vraag & aanbod
bestuur
archief
lid worden
micro-foto's







 

Ervaringen van leden tijdens zoektochten, excursies of vakantie ed.

 

Hij zocht het paard, maar zat erop!

 

Al kom je jaren op dezelfde plek om te zoeken wil dat nog niet zeggen dat je alle veel voorkomende mineralen van die locatie zelf gevonden hebt. Veel hangt af van het materiaal dat op dat moment aanwezig is.

Neem nou Zilver. Een mineraal dat nu echt niet tot de zeldzaamheden van de Clara hoort. Het wordt er met grote regelmaat gevonden, weliswaar niet vaak als mooie kristallen of dendriet, maar toch.

Het was zijn grote wens: Zilver vinden in de Clara en het dan ook zelf herkennen. Uit het materiaal dat hij vorig jaar had verzameld kwamen tot zijn grote vreugde een paar stukjes met het zo fel begeerde metaal tevoorschijn, maar tot zijn spijt had hij daar zelf overheen gekeken. Een collega verzamelaar wees hem erop.

 De eerste paar dagen van onze expeditie in 2008 naar het Zwarte Woud en de  zoekerij op de nieuwe halde van de firma Sachtleben brachten niet veel goeds. Er lag wat oud materiaal en in het nieuwe dat elke dag aangevoerd werd was niet veel bijzonders te vinden. ‘Der Fahrer hat das falsche Material aufgeladen’ was de verklaring. De laatste twee dagen was het beter, vooral de laatste. Er lag een berg met loodhoudend  materiaal, waar alle aandacht dan ook naartoe ging.

 Er loopt al jaren een rijzige man met een ringbaard en een gebreid petje op. De meeste tijd brengt deze  door met praten en koffiedrinken. Een aardige vent, die bijna elke dag op de halde te vinden is. Zo nu en dan slaat hij een brok steen met de voorhamer aan flarden om te constateren dat er ‘nichts Besonderes’ in zit om dan weer door  te gaan met wat hij het beste kan. Commentaar leveren en koffieleuten. Ook nu was hij er.

 Ik loop altijd rond, kijk hier eens, sla daar weer wat stuk en besluit uiteindelijk  maar ergens te gaan zitten en sla dan alles wat mij voor de hamer komt stuk. Mijn vriend niet. Hij zoekt een mooie ‘zitsteen’ en installeert zich dan daar en verkast zelden. Zo ook deze keer. We waren met een man of tien in dezelfde bult aan het werk. Al gauw klonk het: ‘Mensch ist ja Silber’ en ja hoor, mooi dendritisch Zilver. Dat geeft de burger weer moed. Die dag werd er nog van alles gevonden, maar geen zilver. Ook niet door ons.

 

Hard werken in de zon maakt dorstig en aangezien de voorraad drank niet onuitputtelijk is moet je zo nu en dan fourageren. Op naar de Getränke Markt. Ik had niets nodig dus ging hij er met zijn vrouw naartoe en wie loop je dan tegen het lijf? Onze Duitse vriend met zijn gebreide petje.

‘Hallo, auch durst?’ ‘Ach ja. Die Sonne und die harte Arbeid machen durstig.’ En zo kom je aan de praat.

‘Ich habe am Ende des Mittags noch etwas schönes gefunden’  verklaart onze Duitser ‘Silber’ und weisst du wo? In dem grossen Brocken wo du den ganzen Tag darauf gesessen hast’ en daarna  loopt hij naar zijn auto en haalt er een stuk uit met prachtige Zilver-dendriet.

 

Arme Fred, soms ligt het geluk voor het oprapen en kan je het toch niet vinden.

 

Micromounter

 ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

 

Je gelooft het niet!

Weer een geweldig hemelvaartweekend. Het was koud - gelukkig wel meestal droog - maar de warmte in de groep compenseerde dat volledig. Wat wij echter meemaakten gebeurde al op dinsdag.

Als ware "wegbereiders" gingen we nog even alle groeves langs om te zien of alles klopte. In de groeve Bleiwäsche mochten we om half vier kijken of er iets te vinden was. Op de ''untere Sohle" was "frisch gesprungen". Maar moesten we nou rechtdoor of naar rechts? Even vragen aan een arbeider die met zo'n enorme shovel rondreed.En wat zei hij? Niet naar rechts of rechtdoor, maar:"Stap maar op".

En daar gingen we! Wat is zo'n ding hoog als je, naast de bestuurder staand, in de diepte kijkt. Maar wat een luxe! De mensen die er zondags geweest zijn, weten dat de untere Sohle nogal diep lag. Dat hoefden we heerlijk niet te lopen.

Beneden aangekomen hebben we de man hartelijk bedankt. Bij wijze van grap nog gevraagd of we hem konden bellen, als we weer naar boven wilden.

We zochten een poosje. Er waren best leuke dingen te vinden. Maar op een gegeven moment werd de lucht erg donker en begon het te waaien en te regenen.Dus: regenjas aan, rugzak om en op weg naar boven. Dat zou een hele klim worden.

Albert liep een eindje voor me. Hij was net op de hoek waar het stijgen begon, toen ik een soort gebrom hoorde. En ja hoor - geloof het of niet - daar kwam onze vriend de hoek om met zijn gele gevaarte. "Ach ja, ich dachte, es fängt an zu regnen".

Allebei zittend deze keer, genoten we dubbel van het omhoog gaan. Bij de slagboom, vijf meter van onze bus, werden we afgezet. Van geld wilde de man niets weten.

Ze bestaan echt nog: aardige groevearbeiders.

Riet /Albert.

-------------------------------------------------------------------------------------------------------

Dialoog                      

Bij het verkrijgen van 'Genehmigungen' komt het met de plaatselijke bedrijfsleiders van groeve's soms tot opmerkelijke  gesprekken;

...."Wir kommen aus Holland und wir sind Amateurgeologen und Mineraliensucher. Wir bitten Sie um eine Genehmigung mit unserer Gruppe Ihren Steinbruch zu besuchen."

..."Ja, da darf ich die Verantwortung nicht nehmen. Im Büro wird niemals eine Genehmigung abgegeben, aber wenn Sie kommen: Ich weiss von nichts, ich habe nichts gesehen, denn ich habe Alzheimer. Stärker noch: dieses Gespräch hat nie statt gefunden, ich kenne Sie gar nicht!"

...."Ach so, dann wissen wir genug, wir kommen am....."

....."Und wenn ich nach Holland komme, habe ich dann auch das Zimmer und Frühstuck umsonst?"

........."Das wissen wir nicht, wir haben Sie noch nie gesehen und wir kennen Sie gar nicht!.

----------------------------------------------------------------------------------------------------

Mineralen zoeken op Gran Canaria                100_0058.JPG (570467 bytes)

De Canarische Eilanden behoren tot de zogenaamde 'Midden Atlantische Eilanden' evenals Madeira en de Azoren.

De eilanden liggen op een onderzee's plateau dat zich ongeveer 3000 meter onder de zeespiegel bevindt. Het hoogste punt is de Pico Telde met een hoogte van 3718 meter boven de zeespiegel. strand 2.JPG (70317 bytes) De eilanden bestaan voor het grootste gedeelte uit vulkanische gesteenten, ontstaan in het Mioceen en het Plioceen, met hier en daar sedimentafzettingen. Uit onderzoek is gebleken dat de ouderdom hoogstens 20 miljoen jaar is, wat niet wil zeggen dat dit de ontstaansdatum van de eilanden is. Deze kunnen ook ouder zijn. In de vulkanische lagen zitten talrijke holtes met Zeolieten.

De eenvoudigste plek om iets te vinden is het strand. De zee heeft in de loop der tijden talrijke stenen, groot en klein, op het strand geworpen. Op sommige plaatsen is er helemaal geen strand en zijn het enkel stenen. Zelfs bij Playa des Ingles, het toeristencentrum van Gran Canaria, zijn gedeelten waar massa's stenen liggen waarin zich holtes bevinden. Aangezien bij he100_0043.JPG (480418 bytes)t stukslaan zeer scherpe splinters ontstaan is het wel zaak deze op te ruimen, zodat de badgasten geen bloedende voeten halen. Ook in het binnenland zijn erstrand 1.jpg (82519 bytes) verschillende plekken waar iets te vinden is. Het is gewoon een kwestie van vaak stoppen, naar het gesteente kijken en een beetje geluk hebben.

Dus is het de moeite waard een hamer mee te nemen naar de Canarische Eilanden. Doe hem wel in de koffer en niet in de handbaggage.

Ook op Fuenteventura zijn op verschillende plekken mooie Zeolieten te vinden. Meer informatie hierover is te vinden in de Lapis van december 1988.

 

      

Dubbelklik op de foto voor een groter beeld.

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

In het veen kijkt men niet op een turfje!

 

Helemaal enthousiast kwam hij uit Amsterdam terug. 'Moet je eens kijken wat ik gekregen heb; je gelooft je ogen niet!' Turende door de microscoop zag ik prachtige blanke Topaaskristallen. ‘Hoe kom je daar aan?’ vroeg ik. ‘ ‘Ik kwam in Amsterdam op de beurs met iemand aan de praat en die liet me dit zien. Ui t de Wannenköpfe en nog niet zo lang geleden gevonden’ zei mijn stenenvriend.

De plannen om daar naar toe te gaan waren snel gemaakt.                       

 

‘Ben je er al eens geweest?’ vroeg ik, toen we om zeven uur ‘s ochtends klaar stonden voor vertrek. ‘Nee, maar ik weet waar het is’ zei hij opgewekt. Vol optimisme gingen we op pad. Tegen tienen waren we in de buurt van de groeve. Langs de groeve liep een grindweg waar je met de auto in kon. Al gauw kwamen we bij een steenbreker. Daar zijn we gestopt en hebben we ons klaar gemaakt om op pad te gaan. In geen velden of wegen was er iemand te zien. Niet gehinderd door enig weten gingen we vol goede moed op pad.

 

Na een paar uur bleek dat het een enorm uitgestrekte groeve was, waar je al lopend van de ene kuil in de andere kwam. Veel bijzonders hadden we nog niet gevonden, laat staan Topaas. Ons optimisme was al wel met de helft gedaald.

‘Het is niet veel’ bromde mijn vriend ‘volgens mij heeft die vent in Amsterdam mij belazerd.’

Toen we aan het eind van de groeve dachten te zijn en met de gedachte liepen maar weg te gaan, bleek er achter de heuvel een volgende te liggen. We hadden inmiddels meer dan twee uur gelopen.

We keken elkaar aan, zo van: Gaan we erin of gaan we weg ?‘Ach’ zei ik ‘ we zijn hier nu toch, laten we nog maar even verder kijken.’ Aldus geschiedde. Maar ik moet eerlijk toegeven: bij mij was de moraal ook aardig weggeëbd.

Net toen ik wilde voorstellen om maar weg te gaan hoorden we hamer getik achter een helling. Daar was iemand bezig. Wij er op af.

Een man en een vrouw waren er aan het hakken.  

‘Guten tag, schon etwas gefunden? was onze vraag.

‘Nein, noch nicht was wir suchen’ was het vriendelijke antwoord.

‘Kann man hier Topase finden?’ vroeg mijn vriend.

‘Topase?  Ja, ja die gibt es hier massenhaft. Die wollen wir aber nicht; davon haben wir zu Hause den ganzen Keller voll’

Het zal ook niet zo zijn dacht ik.

 Hij keek ons aan , stond op en liep naar een emmer die een eindje verderop stond. Rommelde er wat in en riep, terwijl hij in mijn richting liep:’Topase wollen Sie; hier haben Sie Topase!’

Hij gooide een stuk steen van minstens tien centimeter doorsnede naar mij toe. ‘Können Sie haben, wir suchen schöne Hämatite’ zei hij en hij ging weer verder met hakken. Vol verbazing ving ik het stuk steen op en door de loep blonken de kristallen mij toe. ‘Danke schön, stamelde ik.

De vrouw vertelde dat ze bijna elke week hier kwamen en dat dit stuk wand de enige plaats in de groeve was waar iets te vinden was.

Zelf hebben we die dag op die plek ook Topaas gevonden en nog een aantal andere mooie mineralen.

De Wannenköpfe is nu een van de vaste programma punten als we naar de Eifel gaan en steeds naar de zelfde plek. We hebben er inmiddels zo’n  dertig verschillende mineralen gevonden. *)

Met dank aan het Duitse echtpaar.

*) Vonstmogelijkheden  nu nihil. Toestemming om te zoeken wordt niet meer gegeven!

 

 

 

© GEA Kring Twente